Periode 1
H7: Materialen: Deeltjesmodel, lichte en sterke materialen , energie en warmte transport
H4.4 & 8:Zonnestelsel, Cirkelbanen, gravitatiekracht, gravitatie-energie
Specificatie - De kandidaat kan:
- Het moleculaire model van een ideaal gas gebruiken bij het verklaren van eigenschappen van gassen.
• Het verband tussen druk, volume en temperatuur van een gas.
• Vakbegrippen: barometer, manometer, ideaal gas.
- het moleculaire model van materie gebruiken bij het verklaren van fasen en faseovergangen,
vakbegrippen: gas, vloeistof, vaste stof, smelten, stollen, verdampen, condenseren, sublimeren;
- warmtetransport verklaren met behulp van materiemodellen,
het verband tussen de warmtestroom en de thermische geleidbaarheid van een stof uitleggen en eenvoudige berekeningen6 aan de warmtestroom7 maken;
vakbegrippen: geleiding, stroming, straling;
minimaal in de context: energiebesparing door isolatie;
- temperatuurveranderingen van een stof beschrijven als gevolg van het toe- of afvoeren van warmte,
temperatuur beschrijven in termen van beweging van deeltjes en uitleggen dat er een absoluut nulpunt bestaat;
soortelijke warmte als stofeigenschap;
omrekenen van graden Celsius naar kelvin en omgekeerd;
- het verband tussen de dichtheid en de soortelijke warmte bij metalen beschrijven en verklaren,
vakbegrip: atomaire massa;
- het verband tussen de warmtegeleiding en elektrische geleiding bij metalen beschrijven en verklaren,
vakbegrip: geleidingselektron;
- spanning-rekdiagrammen interpreteren in termen van elastische en plastische vervorming en berekeningen maken aan elastische vervormingen,
- vakbegrip: treksterkte
- Een eenvoudige berekening is een berekening met maximaal twee denkstappen
- Onder warmtestroom wordt verstaan: de hoeveelheid warmte die per tijdseenheid door een wand gaat. Hierbij mag de invloed van de luchtlagen aan weerszijden van de wand verwaarloosd worden.
- De treksterkte is de spanning waarbij een draad of staaf gaat vloeien
De volgende formules horen bij deze specificaties
Hoofstuk 4.4 & 8: 1 cirkelbewegingen met constante baansnelheid analyseren.
● berekeningen maken aan de middelpuntzoekende kracht alleen in situaties waarin slechts één kracht de rol van middelpuntzoekende kracht heeft
● vakbegrippen: omlooptijd, baanstraal, baansnelheid 2 bewegingen van voorwerpen in een gravitatieveld analyseren met behulp van de gravitatiekracht en de gravitatie-energie.
● aan de hand van een numeriek model de bewegingen van planeten, kometen en andere hemlellichamen analyseren
● het verband toepassen tussen ontsnappingssnelheid en de massa en straal van een hemellichaam
● uitleggen hoe de valversnelling aan het planeetoppervlak afhangt van de massa en de straal van de planeet
● vakbegrippen: gravitatiewisselwerking, ellipsbaan, geostationaire baan
● minimaal in de contexten: maan, planeet, satelliet
De vakbegrippen genoemd onder 1 t/m 6 worden behandeld in periode 1 van leerjaar 4 scheikunde:
Sk leerjaar 4
Periode 2
- trillingsverschijnselen analyseren,
vakbegrippen: periode, gereduceerde fase, faseverschil;
aan de hand van een numeriek model het verband laten zien tussen de natuurkundige voorwaarde van een harmonische trilling (kracht evenredig met en tegengesteld gericht aan de uitwijking) en de wiskundige beschrijving ervan (sinusfunctie);
- berekeningen maken aan de eigentrilling van een massa-veersysteem,
vakbegrippen: eigenfrequentie, resonantie;